INTERVIEW MET ARI KRISTINSSON (regisseur NO NETWORK)
De legende van Dugghole: ‘Het echte verhaal speelde zich zo’n 200 jaar geleden af in het plaatsje Dugghole, een dorp aan de voet van een berg. Tussen het dorp en de berg lag een kreek. Op kerstavond was het de gewoonte om met lantaarns een wandeling te maken over de berg. Toen 18 inwoners de dichtgevroren kreek overstaken, brak het ijs en allen belandden in het water. Door de vrieskou sloot het ijs zich snel en bleef er van de wandelaars geen spoor achter. Hun verdwijning was een groot mysterie. Pas jaren later, toen het water in de kreek tijdens een droge zomer heel laag stond, kwam de ware toedracht aan het licht.
In IJsland circuleren nog veel zulke verhalen. Dat komt door het klimaat en het isolement. Eenzaam en omringd door extreme natuur, ga je makkelijk geesten en spoken zien. Alle bewegingen en geluiden krijgen een andere dimensie, die de fantasie prikkelt.’
De beesten in de film: ‘De scènes met de ijsbeer draaiden we in Groot-Brittannië in een voormalige winterresidentie voor circuslui. Het was – en is nog steeds – een ‘vrijzone’: je hebt er geen vergunning nodig voor het houden van exotische diersoorten. Filmcrews komen er om te werken met dieren. Ook de ijsbeer groeide op in een circus.
Achter z’n kooi waren green screens aangebracht. Wij stonden buiten de kooi en de camera hing aan een hengel over de tralies. Maar het dier gehoorzaamde niet. Hij was opgeleid om op zo’n zitje te kruipen en steeds opnieuw sjokte hij daarheen. Ik stond daar met m’n shotlist van 22 opnames per dag en de eerste dag hadden we geen enkele bruikbare scène. We waren radeloos. Tot we beseften dat je zo’n wild dier onmogelijk je wil kan opleggen. Dus lieten we de beer z’n zin doen en verplaatsten onze camera’s. Vanaf toen liep alles vlot.
Ook de lammeren stelden ons voor problemen. We hadden één lammetje nodig voor de binnen- en één voor de buitenopnames. Maar de landbouwwet verbiedt het transport van lammeren van het ene deel van het land naar het andere. We moesten dus 2 lookalikes vinden in 2 verschillende delen van IJsland. Bovendien wilden we draaien in december. “Onmogelijk,” werd me gezegd. Lammetjes worden in IJsland in mei geboren; in december zijn ze groot. Maar we redeneerden: het gaat om voortplanting, om seks… dan vind je altijd wel iemand met afwijkende gewoontes. Ook bij schapen! En inderdaad: we plaatsen een advertentie in de krant, kregen 250 antwoorden binnen en zochten 2 lookalikes uit.
Het ‘binnen-lam’ was opgegroeid met een hond die ze als haar moeder beschouwde. Ze vond het geen probleem om met de hond in een mandje te slapen; dat deed ze immers altijd. Het andere lam was een moederskindje. Als we haar in beweging wilden krijgen, moesten we enkel de moeder verplaatsen. Op een nacht in een sneeuwstorm ging mama er vandoor en holde de berg af. Paniek op de set; zonder de moeder waren we nergens. Maar halverwege de helling stond ze stil… ze besefte dat ze haar jong had achtergelaten. Ze maakte rechtsomkeer en holde terug naar de set.’
Zijn familiebedrijf: ‘Mijn dochter was productiemanager voor NO NETWORK, mijn zoon was line producer en mijn vrouw deed de kostuums. Enkele jaren geleden werkte ik voor een grote productiemaatschappij, met té veel films en té grote budgetten. Dus richtte ik in de kelder van mijn een huis een eigen bedrijf op. In sommige families worden kinderen grootgebracht in het boerenbedrijf en werken ze mee op de boerderij. In ons gezin groeiden de kinderen op in het filmbedrijf en kregen daarin hun eigen taak. Mijn dochter acteerde op jonge leeftijd in enkele kortfilms en speelde de hoofdrol in mijn film STIKKFRI (Count me out). Nu draait ze mee in het familiebedrijf, net zoals mijn zoon en mijn vrouw.’
Gert Hermans
MEER INFO op de aparte website www.jekino.be/nonetwork BEKIJK DE TRAILER van 'No Network'